Het beleidsdoel Ruimte en landschap is vastgesteld in het omgevingsbeleid. De uitwerking van dit beleidsdoel vind je via deze link .
Beleidsprestatie 6-2-1 Toekomstbestendige Ruimtelijke Ontwikkeling
Wat willen we bereiken?
De provincie wil dat de beschikbare ruimte in Zuid-Holland beter en slimmer wordt gebruikt. Een veilige, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving vindt ze daarbij van groot belang. Daarom is het belangrijk dat nieuwe ontwikkelingen op de juiste plek plaatsvinden. Bij keuzes over nieuwe ontwikkelingen zet de provincie het water- en bodemsysteem meer sturend in. Bestaande steden en dorpen ontwikkelen zich zo optimaal mogelijk binnen de ruimte die daarvoor al is gereserveerd. Dat doen zij met aandacht voor een goede ruimtelijke ordening, bereikbaarheid en toegankelijkheid van voorzieningen, werkgelegenheid, groen, water, openbare ruimte én sociale samenhang.
Ook wil de provincie de kwaliteiten van het landschap behouden en versterken. Daarvoor beschermt zij de onbebouwde ruimte beter tegen nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Om in bestaande steden en dorpen nieuwe woningen te kunnen bouwen en bedrijven te kunnen laten ontwikkelen is het belangrijk dat ze op elektriciteit en drinkwater kunnen worden aangesloten en dat ook andere randvoorwaarden op orde zijn. Om dat te bereiken wil de provincie dat de onbebouwde ruimte beter wordt benut voor de ontwikkeling van:
- Een toekomstbestendige en veerkrachtige landbouwsector;
- Een robuust en klimaatadaptief water- en bodemsysteem;
- Een duurzaam en toekomstbestendig systeem voor energie- (drink)watervoorziening;
- Natuurherstel t.b.v. behoud en verbetering van de biodiversiteit.
Waar mogelijk worden deze prioritaire opgaven gecombineerd met het toevoegen van wandel- en fietspaden voor bewoners en recreanten. Zo kan het landschap beter worden beleefd en draagt het bij aan de gezondheid van mensen in Zuid-Holland.
Omdat deze en andere opgaven allemaal om ruimte vragen, neemt de druk op steden, dorpen en het landelijke gebied verder toe. De provincie kijkt samen met andere overheden per gebied wat nodig is en kan en verdeelt de beschikbare ruimte hierbij zo eerlijk mogelijk. Ruimtelijke ontwikkelingen dragen zo bij aan een veilige, gezonde en aantrekkelijke leefomgeving.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Algemeen
Bestuurlijk Overleg Leefomgeving en Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (BO-MIRT).
In de Bestuurlijke Overleggen Leefomgeving (BOL) praat het Rijk met de regio over het rechtvaardig verdelen van de schaarse ruimte in Nederland. In de jaarlijkse BO-MIRT praten het Rijk en de regio over lopende projecten en strategische opgaven. Als dat nodig is, maken we verdere financiële en bestuurlijke afspraken. De provincie coördineert de inbreng vanuit de regio (Zuid-Holland) tijdens de overleggen om afspraken te maken met het Rijk. Ook maken we als provincie afspraken met rijkspartners in het Ruimtelijk Arrangement. De afspraken in het Ruimtelijk Arrangement worden jaarlijks bijgesteld.
Ruimtelijke Puzzel
De provincie:
- Zorgt voor een inventarisatie van alle lopende en alle komende claims op ruimte in Zuid-Holland. Deze informatie maken wij voor iedereen toegankelijk. De provincie werkt in vijf gebiedsprocessen samen met onze partners aan de uitwerking van het ruimtelijk voorstel. Hierin worden regiospecifieke afwegingen mogelijk gemaakt met bijhorend maatwerk. In 2027 leveren we de eerste versies van gebiedsuitwerkingen op en starten we met het borgen hiervan in het omgevingsbeleid.
- Zorgt ervoor dat thematische uitwerkingen van het ruimtelijk voorstel, bijvoorbeeld via verkenningen, in samenhang worden opgepakt en uitgevoerd.
- Inventariseert welke bovenlokale ruimtelijke vraagstukken moeizaam verlopen. De provincie zorgt voor ondersteuning op verschillende terreinen (proces/bestuurlijk/kennis) om oplossingen te vinden. De provincie coördineert de inbreng vanuit de regio (Zuid-Holland) tijdens de overleggen om afspraken te maken met het Rijk. Naar verwachting wordt door het Rijk eind 2026 de Nota Ruimte vastgesteld met een uitvoeringsstrategie, waarvan het Rijk verwacht dat deze een doorwerking krijgt in het beleid van andere overheden. Met het Rijk worden afspraken gemaakt over de uitvoeringsstrategie en hoe deze doorwerkt in het provinciaal beleid.
NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad
- In het NOVEX-gebied Zuidelijke Randstad werkt de provincie samen met het Rijk, gemeenten, waterschappen, de Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) en de Verstedelijkingsalliantie aan toekomstbestendige verstedelijking. Toekomstbestendig betekent dat we bij de verstedelijkingsopgave rekening houden met de andere opgaven die er zijn op het gebied voor gezondheid, groen in en om de stad, klimaatadaptatie, economie en energietransitie. Het ruimtelijk voorstel zoals dat door de provincie is vastgesteld vormt een belangrijke leidraad.
- Het in 2026 herziene Ontwikkelperspectief Zuidelijke Randstad en de Uitvoeringsagenda 2.0 zijn het kader voor deze samenwerking. Deze bevatten richtinggevende afspraken over hoe we de doelstellingen uit het Ontwikkelperspectief willen bereiken. Ook is aangegeven welke opgaven met voorrang worden opgepakt. In de eerste plaats betreft dit het in beeld brengen van wat er nodig is om te komen tot een robuuste groen-blauwe structuur in de Zuidelijke Randstad. In 2027 moet dit leiden tot een zo concreet mogelijke eerste versie van de regionale investeringsagenda die aan het BOL van 2027 ter onderschrijving wordt aangeboden. Daarin landen dan naar verwachting ook de eerste programma's en projecten uit de programmalijn toekomstbestendige economie in de Zuidelijke Randstad. Het voornemen is om de regionale investeringsagenda voor de Zuidelijke Randstad periodiek te herijken tot een beperkt aantal samenhangende sleutelprojecten die substantieel bijdragen aan de doelen uit het ontwikkelperspectief. De investeringsbijdragen van de bestuurlijke partners zijn op dit moment onbekend. De bijdrage van de provincie Zuid-Holland is nog niet aan de orde gekomen. Zoals beschreven onder beleidsprestatie 6-2-3 Groenblauw netwerk, wordt de eerste openstelling van de subsidieregeling Landschapspark, als onderdeel van de € 10 miljoen vanuit de investeringsagenda, verwacht aan het eind van het 1ste kwartaal 2027
Transformeren, herstructureren en verdichten van locaties
De provincie wil voor iedereen in Zuid-Holland een plek waar het aantrekkelijk, veilig en gezond is om te wonen, werken en recreëren. Daarom willen we zorgvuldig omgaan met de beperkte ruimte. Dat doen we door vooral het bestaande bebouwde gebied beter te benutten.
Beleidsprestatie 6-2-2 Ruimtelijke kwaliteit en Landschap
Wat willen we bereiken?
De provincie wil zorgen dat steden, dorpen en landschappen mooi en van goede kwaliteit blijven, of zelfs beter worden Dit geldt voor de hele provincie: voor natuurgebieden en voor bebouwde gebieden. Goede ruimtelijke kwaliteit betekent dat een gebied nu en in de toekomst goed te gebruiken is, er prettig uitziet en fijn is om in te leven. Nieuwe plannen of veranderingen moeten niet alleen handig zijn, maar ook duurzaam (of bewust tijdelijk) zijn. Het moet passen in de omgeving en op een positieve manier bijdragen aan de kwaliteit van de omgeving.
De provincie wil nieuwe ontwikkelingen verbinden met dat wat er al is. Dat betekent dat bestaande kwaliteiten worden beschermd en versterkt, en dat er nieuwe, goede dingen worden toegevoegd. Door in te zetten op ruimtelijke kwaliteit wil de provincie het volgende bereiken:
- Toekomstwaarde: historische kenmerken van Zuid-Holland meenemen in nieuwe plannen, met de opgaven om deze in de toekomst te kunnen blijven beschermen, benutten en beleven.
- Gebruikswaarde: zorgen dat er bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen goed wordt nagedacht over de plek, het ontwerp en inpassing van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen;
- Belevingswaarde: de bestaande mix van de landschappen, steden en dorpen in Zuid-Holland versterken en zo de belevingswaarde (hoe prettig en mooi mensen een plek vinden om te zijn) vergroten.
De provincie wil blijvend aandacht vragen voor ruimtelijke kwaliteit en het een vast onderdeel laten zijn bij het maken van plannen. Dit geldt vanzelfsprekend ook voor de eigen projecten. Mensen die een project starten worden aangemoedigd om ruimtelijke kwaliteit op te nemen in hun plannen en op die manier een bijdrage te leveren aan de kwaliteit van de leefomgeving. Omdat de provincie ruimtelijke kwaliteit zeer belangrijk vindt is deze een onderdeel van de omgevingsverordening.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Algemeen
De provincie wil dat ruimtelijke ontwikkelingen gepaard gaan met behoud of versterking van ruimtelijke kwaliteit. Dit draagt bij aan een gezonde en leefbare omgeving. De focus ligt daarbij op beleidsontwikkeling en advisering. Bij ontwikkeling van beleid hoort ook de ontwikkeling van een instrumentarium. Advisering richt zich op provinciaal beleid en plannen en op gemeentelijke plannen. Monitoring en beleidsevaluatie zijn hier ook onderdeel van. De Provinciaal Adviseur Ruimtelijke Kwaliteit (PARK) adviseert op verzoek van GS en PS over de kwaliteit van de fysieke leefomgeving.
Bijzonder provinciaal landschap Midden-Delfland
De provincie wil samen met partners van waaronder de Landschapstafel Bijzonder Provinciaal Landschap Midden-Delfland, de maatschappelijke waarden en de ruimtelijke kwaliteit van het landschap behouden en versterken. Het gaat hierbij specifiek om veenweidelandschap binnen een stedelijke context.
Beleidsprestatie 6-2-3 Groenblauw Netwerk
Wat willen we bereiken?
De provincie wil het Groenblauwe Netwerk, zowel binnen als buiten de stad, verstevigen, verbeteren en beschermen. Het netwerk vormt de basis voor een gezonde, prettige, veilige en waardevolle leefomgeving voor mens en dier in een steeds sterker verstedelijkte provincie. Juist in een gebied waar de ruimte beperkt is, is inzetten op een stevig, hoogkwalitatief en goed verbonden netwerk van belang. Dit netwerk bestaat onder andere uit grote stadsparken, recreatie- en natuurgebieden, grote landschappelijke gebieden tussen steden en dorpen (groene buffers) en de verbindingen tussen al deze plekken.
De provincie wil een groenblauw netwerk dat voor iedereen beleefbaar, bereikbaar en bruikbaar is. De verbinding tussen en toegankelijkheid van gebieden is de kracht van dit netwerk. En het cultuurhistorisch watersysteem is de drager ervan. De provincie wil de verscheidenheid tussen de gebieden en landschappen behouden en versterken.
De provincie wil het Groenblauwe Netwerk (door)ontwikkelen tot een samenhangend geheel. De basis hiervan zijn de bestaande groenblauwe onderdelen binnen bebouwd gebied, robuust groenblauwe structuren tussen de steden en de grote groenblauwe gebieden buiten het bebouwd gebied. Zij wil deze samenhangende structuur beschermen, beter verbinden en waar nodig versterken en verbeteren. Om zo te komen tot een aantrekkelijker, natuurinclusiever, gezonder en klimaatbestendiger Zuid-Holland.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Algemeen
- In de herziening van het Omgevingsbeleid 2025 stimuleert de provincie de verdere ontwikkeling van het Groenblauwe Netwerk. Dit netwerk is het geheel van bestaande groenblauwe elementen binnen bebouwd gebied, de groenblauwe structuur tussen de steden en de grote groenblauwe gebieden buiten het bebouwd gebied. De provincie wil het Groenblauwe Netwerk waar nodig, versterken en verbeteren. Dat doen we door de kwaliteit te verbeteren en de samenhang te vergroten tussen stedelijke parken, recreatiegebieden, natuurgebieden en het agrarisch landschap.
- De provincie werkt de komende jaren samen met andere overheden aan de verbetering van het Groenblauw Netwerk.
- De realisatie van het Groenblauwe netwerk vindt deels plaats onder de noemer ”Landschapspark’. De provincie geeft leiding aan het proces. Op dit moment werkt de provincie in vier deelgebieden. Dat zijn de deelgebieden Vlietzone, Rottezone, Schiezone en het Getijdepark XL.
- In de Groene Cirkel Groene Gezonde Stad werkt de provincie samen met ongeveer 18 gemeenten, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties zoals IVN Natuureducatie. In dit netwerk delen de deelnemers kennis rond radicale vergroening van steden en stimuleren zij elkaar. De gezamenlijke droom van groene en gezonde steden staat centraal. Vergroening draagt bij aan klimaatadaptatie, aan de fysieke en mentale gezondheid van bewoners, aan een fijne leefomgeving en aan meer biodiversiteit. Elke partner uit het netwerk voegt kennis en ervaring toe vanuit de eigen (strategische) belangen om groenere steden te realiseren.
- We nemen deel aan overleg met het Rijk over de uitwerking van de Natuurherstelverordening, specifiek over artikel 8 stedelijke ecosystemen. We organiseren de provinciale en interprovinciale inzet.
Aanpak Groenblauw netwerk
Met de aanpak Groenblauw werkt de provincie samen met partners de komende jaren aan de verbetering van het Groenblauw Netwerk. Onderdeel van deze aanpak is om samen met partners, zoals gemeenten en waterschappen bestaande groenblauwe structuren, ontbrekende schakels en ontwikkelmogelijkheden in kaart te brengen met een overzicht van te beschermen, te verbeteren en te versterken onderdelen voor gezondheid, recreatie, biodiversiteit en klimaatadaptatie. Een eerste uitwerking loopt via de programmalijn gezonde en klimaatadaptieve delta en regionale investeringsagenda van NOVEX Zuidelijke Randstad.
Ontwikkeling en realisatie deelgebieden Landschapspark
De realisatie van het Groenblauwe netwerk vindt gedeeltelijk plaats onder de noemer van het “Landschapspark”, waarbij de provincie de regie voert. In vier gebieden wordt samengewerkt: de Vlietzone, Rottezone, Schiezone en het Getijdenpark XL. In deze gebieden werkt de provincie met gebiedspartners en andere belanghebbenden in het gebied aan projecten op basis van uitvoeringsagenda’s en opgestelde toekomstbeelden. Er wordt tevens gewerkt aan een subsidieregeling Landschapspark, hiermee kan (een deel van) de in de investeringsagenda opgenomen € 10 miljoen ter ondersteuning van uitvoeringsgerede projecten besteed worden. Eerste openstelling wordt verwacht eind 1ste kwartaal 2027.
Beleidsprestatie 6-2-4 Ontwikkelingen houden rekening met water en bodem
Wat willen we bereiken?
De verschillende manieren waarop gebieden worden gebruikt (ruimtelijke functies) zijn afhankelijk van een robuust water- en bodemsysteem. Een robuust water- en bodemsysteem beschermt, tegen aanvaardbare maatschappelijke kosten, goed tegen watertekort, wateroverlast, bodemdaling en overstromingen. En is een natuurlijke hulpbron voor onder andere drinkwaterproductie. Voor een veilige en toekomstbestendige ontwikkeling van Zuid-Holland, met zo min mogelijk kosten, is het nodig dat bij nieuwe ontwikkelingen ruimte vrijgehouden wordt voor herstel en verbetering van een toekomstbestendig water- en bodemsysteem. De provincie zorgt ervoor dat geplande functies niet in strijd zijn met de ontwikkeling van het water- en bodemsysteem.
Zuid-Holland werkt samen met de waterschappen, andere overheden en drinkwaterbedrijven aan het verbeteren en versterken van het water- en bodemsysteem. Als basis voor brede welvaart en economisch verdienvermogen nu en voor toekomstige generaties. Ondanks deze inspanningen kan een toekomstbestendig watersysteem niet alle te verwachten veranderingen in bodem- en watercondities opvangen. Er zijn technische oplossingen beschikbaar, maar die zijn vaak kostbaar en gevoelig voor verstoringen (grotere faalkans). Om kosten te besparen en minder afhankelijk te zijn van technische oplossingen, wil de provincie de ruimte die nodig is voor het herstel en de verdere ontwikkeling van het water- en bodemsysteem vrijhouden van ruimtelijke functies die daar niet mee gecombineerd kunnen worden.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Water en bodem in locatiekeuze en locatie-inrichting
- We passen onze werkwijze voor beoordeling van omgevingsplannen aan om deze in lijn te brengen met de nieuwe verordeningsartikelen over toekomstbestendig ruimtelijk ontwikkelen waarbij rekening gehouden wordt met het water- en bodemsysteem.
- We gebruiken het in samenwerking met de waterschappen ontwikkelde kaartmateriaal in de ‘WBS-onderlegger’ als input voor integrale afwegingen in de gebiedsprocessen van de Ruimtelijke Puzzel en ZH-PLG.
- We werken verder aan kaartmateriaal om verantwoorde keuzes te kunnen maken t.a.v. locaties en inrichting van nieuwe ontwikkelingen. Daarbij brengen wij voor verschillende functies (bv ruimtevragers van de energietransitie, woningbouw etc.) ook de kansen en knelpunten voor meervoudig ruimtegebruik in beeld.
- We werken aan een product met ’tijdschalen’ voor verziltende en vernattende gebieden en voor stedelijke gebieden die kwetsbaar zijn voor grootschalige wateroverlast als hulpmiddel voor gebruikers/beslissers in die gebieden.
- We doen ontwerpend onderzoek naar mogelijkheden om versterkingen van het watersysteem ruimtelijk te kunnen inpassen, zowel voor landelijk als voor stedelijk gebied.
- We bespreken minimaal twee keer per jaar met de bestuurders van de zeven Zuid-Hollandse waterschappen over relevante ruimtelijke ontwikkelingen en de impact daarvan op het water- en bodemsysteem in het Strategisch Samenwerkings Overleg Waterschappen en Provincie. Hiermee betrekken wij de waterschappen in een vroegtijdig stadium bij relevante ruimtelijke afwegingen.
- In het kader van de Nota Ruimte en het Ruimtelijk Arrangement maken wij afspraken met het Rijk over de ruimtelijke vraagstukken die ontstaan wanneer (versterkingen van) het water- en bodemsysteem de wateruitdagingen niet meer kunnen oplossen. In Zuid-Holland betreft dat o.a. het omgaan met verziltende omstandigheden in de Duin- en Bollenstreek en de Delta, vernattende omstandigheden in de veenweiden, wijken die door bodemdaling steeds kwetsbaarder worden voor funderingsschade en grootschalige wateroverlast, steeds minder zoetwaterbeschikbaarheid in relatie tot nieuwe watervragers voor o.a. energie, industrie en digitalisering, drinkwatercongestie in relatie tot woningbouw.
Beleidsprestatie 6-2-5 Regie op proces en toedeling van functies en/of locaties
Wat willen we bereiken?
De provincie toetst dat ruimtelijke ontwikkelingen van gemeenten zoveel mogelijk bijdragen aan provinciale ambities en doelen. Dit geldt zowel voor gemeentelijke als regionale ruimtelijke visies, verkenningen en strategieën. Vervolgens zorgen we dat deze plannen en ontwikkelingen passen binnen het Omgevingsbeleid.
Wat gaan we doen om dit te realiseren?
Algemeen
- De provincie beoordeelt plannen van gemeenten die gaan over ruimtelijke ontwikkelingen. Daarbij letten we erop dat de plannen zoveel mogelijk bijdragen aan provinciale ambities en doelen. Dit geldt voor gemeentelijke en regionale ruimtelijke visies, verkenningen en strategieën. We zorgen dat deze plannen en ontwikkelingen passen binnen het Omgevingsbeleid. Als het nodig is, gebruiken wij onze wettelijke bevoegdheden en hulpmiddelen voor het algemeen belang van Zuid- Holland.
- De provincie werkt aan een goede samenwerking met gemeenten en regio's. Dat doen we door de provinciale koers goed uit te leggen of door gemeenten en regio’s te koppelen aan de juiste contactpersoon binnen de provincie
Herverdeling ruimte voor woningbouwlocaties buiten BSD in de Duin- en Bollenstreek
In de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening wordt ruimte geboden voor zogenaamde greenportwoningen buiten bestaand stads- en dorpsgebied (BSD) in de Duin- en Bollenstreek op ca. 45 hectare. In de Herziening 2025 is opgenomen dat deze 45 hectare ingezet kan worden voor geclusterde woningbouw buiten BSD, zodat er meer woningen en ook meer betaalbare woningen gerealiseerd kunnen worden en er beter gestuurd kan worden op de ruimtelijke kwaliteit.
In 2027 voeren de gemeenten Noordwijk, Hillegom, Lisse, Teylingen en Katwijk in samenwerking met de provincie een integrale verkenning uit naar potentiële, nieuwe woningbouwlocaties buiten BSD. Op basis van deze integrale verkenning zullen de gemeenten en de provincie een gezamenlijk voorstel doen voor de verdeling van deze 45 hectare. Als er voldoende steun is voor dit voorstel vanuit de desbetreffende gemeenteraden en Provinciale Staten, zal in een volgende Herziening van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening voorgesteld worden om deze nieuwe woningbouwlocaties op te nemen op de kaart en in de tabel van grootschalige locaties voor woningbouw buiten BSD.
Gebiedsontwikkeling Sliedrecht-Noord
In 2026 zijn Gedeputeerde Staten gekomen tot een positieve integrale afweging over het Contourenplan Sliedrecht-Noord van de gemeente Sliedrecht mits het Contourenplan op een aantal punten wordt aangepast en uitgewerkt.
De gemeente Sliedrecht zal in 2027 naar verwachting aan de slag gaan met de invulling van deze voorwaarden. Een van deze voorwaarden betreft een gezamenlijke bestuursovereenkomst, ondertekend namens het college van burgemeester en wethouders van Sliedrecht, het college van dijkgraaf en heemraden van het Waterschap Rivierenland en Gedeputeerde Staten. Idealiter wordt deze bestuursovereenkomst ook ondertekend namens Rijkswaterstaat. De provincie zal in 2027 actief meewerken aan het opstellen van deze bestuursovereenkomst.
Wanneer aan alle voorwaarden is voldaan, zal in een volgende Herziening van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening voorgesteld worden om de locatie Sliedrecht-Noord op te nemen op de kaart en in de tabel van grootschalige locaties voor woningbouw buiten BSD.
Gebiedsontwikkeling Gnephoek
Deze integrale gebiedsontwikkeling van de Gnephoek in de gemeente Alphen aan den Rijn heeft als doel om ca. 5.600 woningen te realiseren, inclusief 30 ha voor water, groen en recreatie en minimaal 50 ha natuur waarbij water en bodem sturend zijn voor de gebiedsontwikkeling.
De provincie Zuid-Holland zal in 2027 de volgende acties ondernemen voor de ontwikkeling van de Gnephoek:
Afronding Bestuursovereenkomst Ontwikkeling Gnephoek
In oktober 2024 is de Bestuursovereenkomst Ontwikkeling Gnephoek ondertekend door de Dagelijkse Besturen van de gemeente Alphen aan den Rijn, het Hoogheemraadschap van Rijnland, de regio Holland Rijnland en de Provincie Zuid-Holland. In die overeenkomst zijn afspraken vastgelegd over onder andere mobiliteit, natuur, recreatie, wonen, water, bodem, klimaatadaptatie, energie en samenwerking met betrekking tot de planologische procedures. De belangrijkste afspraken zijn in 2026 uitgevoerd, zoals de vaststelling door Provinciale Staten van de Herziening van de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening voor de Gnephoek en de vaststelling van de Wijziging van het Omgevingsplan voor de Gnephoek door de gemeenteraad van Alphen aan den Rijn. Wanneer de Wijziging van het Omgevingsplan onherroepelijk wordt, kan de gemeente samen met de grondeigenaren starten met de realisatie
In 2027 zal de Bestuursovereenkomst kunnen worden afgerond en zullen afspraken gemaakt worden over o.a. de monitoring van de realisatie van de woningbouw.
Uitvoering Uitwerkingsovereenkomst Mobiliteit Gnephoek
Samen met de gemeente Alphen aan den Rijn geeft de provincie uitvoering aan de Uitwerkingsovereenkomst Mobiliteit, die in februari 2026 is ondertekend. De uitvoering van de Uitwerkingsovereenkomst Mobiliteit zal zich over meerdere jaren uitstrekken en omvat onder meer:
- afstemmingen met de gemeente over de voorbereiding van gemeentelijke werkzaamheden (waaronder het nieuwe aquaduct, de nieuwe fietsbrug en de andere afgesproken mobiliteitsmaatregelen)
- opstarten van provinciale voorbereidende werkzaamheden (waaronder aanpassingen kruispunten N207 en Loswal Hoogewaard) uit de Uitwerkingsovereenkomst Mobiliteit.
De voortgang van de afspraken en werkzaamheden worden samen met de gemeente gemonitord.
Compensatie ruimtelijk beschermd weidevogelgebied (weidevogelcompensatie)
De provincie ondersteunt de gemeente bij het nader uitwerken van de weidevogelcompensatie middels gebiedskennis en ecologische kennis. De provincie beoordeelt periodieke rapportages over de voortgang van de weidevogelcompensatie en voert het gesprek hierover met de gemeente (minimaal 1x per jaar). De nadere uitwerking en uitvoering van de weidevogelcompensatie voor de Gnephoek door de gemeente zal zich over meerdere jaren uitstrekken.
Gebiedsontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder (Cortelande)
Deze gebiedsontwikkeling in de gemeente Zuidplas (hierna: het Middengebied) heeft als doel de realisatie van een nieuw, toekomstbestendig dorp van 8.000 woningen, 2 nieuwe bedrijventerreinen en bijbehorende ontwikkeling van onder andere natuur (NNN), groen, recreatie, bereikbaarheid, energie en het watersysteem.
De leidende rol voor de gebiedsontwikkeling van het Middengebied ligt bij de gemeente Zuidplas.
In het kader van deze gebiedsontwikkeling zal de provincie Zuid-Holland in 2027 in elk geval de volgende acties ondernemen:
Beëindiging Grondbank RZG Zuidplas
Als het bestemmingsplan voor de woningbouw en de bedrijventerreinen onherroepelijk wordt na uitspraak door de Raad van State, zullen de gronden van de Grondbank overgedragen worden aan de gemeente Zuidplas en wordt de Grondbank beëindigd. De provincie zal, als deelnemer aan de Grondbank, bijdragen aan het zo spoedig mogelijk doorlopen van de benodigde procedures voor de overdracht van de gronden en de beëindiging van de Grondbank.
Afronden Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder
Als het bestemmingsplan voor de woningbouw en de bedrijventerreinen onherroepelijk wordt na uitspraak door de Raad van State, dragen we de gronden van de Grondbank over aan de gemeente Zuidplas en kan de gemeente starten met de realisatie. De Bestuurlijke Overeenkomst Ontwikkeling Middengebied Zuidplaspolder kan dan in 2027 worden afgerond. In het kader daarvan maken we afspraken over onder andere de monitoring van de realisatie van de woningbouw.
Uitvoering bestuursovereenkomsten mobiliteit
Samen met de gemeenten Zuidplas en Gouda, en in afstemming met de gemeenten Waddinxveen en Rotterdam, geeft de provincie uitvoering aan de Deelovereenkomst Mobiliteit, die in juni 2023 is ondertekend. Ook geven wij, samen met de gemeenten Zuidplas en Gouda en het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat, uitvoering aan de bestuursovereenkomst voor mobiliteit die in 2026 werd ondertekend. In verband daarmee ondersteunt de provincie de gemeente Zuidplas bij de werkzaamheden in het kader van de subsidie die de gemeente in 2026 heeft gekregen van het Rijk voor de realisatie van infrastructurele maatregelen. De uitvoering van deze bestuursovereenkomsten zal zich over meerdere jaren uitstrekken.
Realisatie Natuur Netwerk Nederland
Er wordt samen met de gemeente Zuidplas gewerkt aan de realisatie van de ecologische verbindingszone tussen de Krimpenerwaard en het Bentwoud voor het deel van de ecologische verbindingszone dat op het grondgebied van de gemeente Zuidplas ligt. Zoals vastgelegd in de Deelovereenkomst Ecologische Verbindingszone (januari 2025 vastgesteld).
Voor het NNN-gebied de Groene Waterparel begint de provincie in 2027 aan de realisatie op aangekochte gronden (100 ha). De gesprekken met de overige grondeigenaren blijven lopen.
Inzet voormalige Nota Ruimte middelen
Inzet van de voormalige Nota Ruimte middelen die bestemd zijn voor de duurzame ontwikkeling van de Zuidplaspolder.
Gebiedsontwikkeling Zijlhoek-de Woerd, vestiging Eli Lilly
In 2026 is de gebiedsontwikkeling Zijlhoek-de Woerd gestart met de aanvraag omgevingsvergunning voor de vestiging van Eli Lilly. Hiermee wordt het al internationaal concurrerende Leiden Bio Science cluster verder versterkt. Tot nu toe is met de betrokken overheden (Ministeries VRO, IenW, EZK, provincie Zuid-Holland en gemeente Katwijk) gesproken over de gevolgen voor mobiliteit, energie, water en archeologie. Betrokken overheden hebben aangegeven dat ze de vestiging van Eli Lilly willen mogelijk maken en investeren in de benodigde randvoorwaarden op oa mobiliteit. Vestiging van Eli Lilly op deze locatie is mogelijk binnen het geldende Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland.
In 2027 worden bestuurlijke afspraken ten behoeve van de vestiging Eli Lilly in een bestuursovereenkomst vastgelegd. Voorbereidingen worden getroffen ten behoeve van deze specifieke locatieontwikkeling en ook gestart wordt met het ontwerp en de gebiedsaanpak voor de omliggende grotere gebiedsontwikkeling Zijlhoek- de Woerd. Dit in samenhang met de ontwikkeling Valkenhorst.
Bestuursovereenkomst Lansingerland
In Lansingerland ondertekenden provincie en gemeente in februari 2025 een overeenkomst met een looptijd van 5 jaar. Daarin staan onder meer afspraken over wonen, werken, wind, mobiliteit en leefbaarheid. In 2026 zijn de afspraken verwerkt in de herziening 2025 van het omgevingsbeleid.
De provincie Zuid-Holland onderneemt in 2027 de volgende acties in het kader van de bestuursovereenkomst:
- De gemeente heeft met succes een rijksbijdrage gevraagd voor een maatregelenpakket ten behoeve van de ontsluiting van 1.600 woningen langs de N209. Het pakket draagt ook bij aan een verbetering van de verkeersveiligheid en doorstroming van de N209. Gemeente en provincie gaan samen de afgesproken maatregelen verder uitwerken.
- De gemeente is de gebiedsontwikkeling Bleizo gestart met als doel het realiseren van een leefbare nieuwe wijk. De provincie zal vanuit haar eigen rol en verantwoordelijkheid deze gebiedsontwikkeling ondersteunen.
- Voor windenergie is een voorkeursbesluit genomen door Gedeputeerde Staten, Er wordt een projectbesluit voorbereid voor de realisatie van windturbines.
- De gemeente Lansingerland en de provincie hebben 3 nieuwe locaties aangewezen voor de compensatie van het bedrijventerrein Bleizo. Volgens afspraak zal de gemeente de gebiedsontwikkelingen ter hand nemen voor 36ha HMC, de provincie zal deze afspraak monitoren.
Gebiedsontwikkeling Barrepolder
In de Barrepolder, gelegen in de gemeenten Alphen aan den Rijn en Zoeterwoude, komen diverse (ruimtelijke) ontwikkelingen samen. Het gaat onder meer om uitbreidings- en verduurzamingsplannen van Heineken Zoeterwoude, de realisatie van een 150 kV-station, de ontwikkeling van een bedrijventerrein en infrastructurele projecten. De inzet van de provincie richt zich onder meer op het aanbrengen van samenhang, het behartigen van provinciale belangen, het verbinden van partijen en het bijdragen aan proces- en onderzoekskosten.
De invulling van de gebiedsontwikkeling is momenteel in verkenning. Voor 2027 wordt concretisering van de gebiedsontwikkeling voorzien, inclusief bestuurlijke afspraken daarover. Ook blijft de provincie nauw betrokken bij de realisatie van het 150 kV-station. Onder meer ten aanzien van de voortgang en voor de inpassing van de benodigde kabeltracés door de Barrepolder, samen met de gemeenten en de netbeheerders.
Regie omgevingsbeleid
Herzieningen
We zorgen voor een helder proces voor het vaststellen van herzieningen. Het gaat daarbij om twee soorten herzieningen. De zogenoemde ‘brede herziening’, die gaat over meerdere onderwerpen, en een aantal zogenoemde ‘modulaire herzieningen’, die gaan over een onderwerp. Voor de herzieningen organiseren we participatie. Ook stellen we een milieueffectrapportage of leefomgevingstoets op als dat nodig is.
Beleidscyclus en evaluatie
We begeleiden meerdere evaluaties van beleid. Deze staan op de langetermijnagenda Omgevingsbeleid (LTA). Provinciale Staten (PS) kan de LTA gebruiken om een onderwerp te laten verkennen of evalueren en om het beleid te wijzigen. Met de LTA geeft PS prioriteit aan onderwerpen en controleert zij of GS de onderwerpen tijdig behandelt\. De LTA wordt regelmatig bijgewerkt. Het Omgevingslab van de provincie organiseert sessies voor collega's om hen te helpen bij het verkennen van beleidsopties en het wijzigen van beleid.
Daarnaast zoeken we naar een manier waarop we de beleidscyclus enerzijds en de planning- en control-cyclus anderzijds beter op elkaar aan kunnen laten sluiten. Dat zorgt voor een efficiëntere werkwijze van collega's.
Monitor leefomgeving
We werken de monitor leefomgeving elk jaar bij.De monitor wordt jaarlijks aan PS voorgelegd ter vaststelling.
Beleidsmonitor
We ontwikkelen de beleidsmonitor verder en werken deze elk jaar bij, de beleidsmonitor wordt jaarlijks aan PS voorgelegd ter vaststelling.
Datagericht werken
We kijken hoe we binnen de organisatie datagericht werken verder kunnen toepassen. We gebruiken data om het provinciale beleid te monitoren en evalueren. Daarnaast gebruiken we data voor het ontwikkelen van kaarten voor gebiedsgericht beleid. Data kan zo worden gebruikt als onderbouwing voor bijvoorbeeld specifieke regionale ontwikkelingen.
Digitale applicaties
We gaan verder met het ontwikkelen van onze applicaties. We verbeteren daarmee de aansluiting met het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO), zorgen dat het bijwerken van de LTA eenvoudiger is en maken het makkelijker om ons beleid meer gebiedsgericht te maken.
