Bestuurlijke inleiding
Geachte lezer,
Voor u ligt de laatste begroting van het huidige college. Met deze begroting zorgen we ervoor dat de financiën op orde zijn voor onze ambities en bieden we tegelijkertijd voldoende speling voor bestuurlijke keuzes van het opvolgende college. Dat is een prestatie waar we trots op zijn. In een tijd waarin grote maatschappelijke vraagstukken en onzekerheden elkaar snel opvolgen, is het geen eenvoudige opgave om koersvast te blijven en tegelijkertijd ruimte te houden voor nieuwe ontwikkelingen.
Het nieuwe kabinet heeft invloed op ons beleid en onze financiële positie, maar ook economische en politieke veranderingen in Europa en de rest van de wereld werken door in Zuid-Holland. We volgen deze ontwikkelingen nauwgezet en vinden dat we moeten blijven investeren in weerbaarheid, zowel financieel als maatschappelijk. Uit het financieel beeld blijkt dat we ook na 2027 een krachtige provincie blijven die financieel gezond is. Dat is essentieel om onze rol te blijven vervullen op terreinen zoals wonen, mobiliteit, energietransitie, land- en tuinbouw, asielopvang en gebiedsontwikkeling.
Waar we niet aan voorbij kunnen gaan, is de droogte van deze zomer. Duidelijk is dat weersextremen geen toekomstscenario meer zijn: droogte, verzilting en wateroverlast zetten ons water- en bodemsysteem steeds meer onder druk. De risico’s voor onze leefomgeving, economie en waterveiligheid nemen daarmee toe. Daarom reserveren we extra middelen voor een toekomstbestendig water- en bodemsysteem, zodat we samen met waterschappen en het Rijk Zuid-Holland beter kunnen voorbereiden op toekomstige extremen.
Het opstellen van een begroting is altijd een dynamisch proces. Zuid-Holland is ambitieus, en dat wordt ook van ons gevraagd. Zoals gezegd staan we voor grote opgaven en worden we regelmatig geconfronteerd met nieuwe ontwikkelingen waarvan de impact op onze financiën en beleidskeuzes moeilijk is te voorspellen. Dat vraagt van een college zowel flexibiliteit als stabiliteit. Ook binnen het bestuur hebben we dat afgelopen jaar ervaren. De samenstelling van het college wijzigde opnieuw: we namen afscheid van gedeputeerden Zevenbergen en Van Leeuwen en verwelkomden gedeputeerden Van Dijken en Tieman. Samen zorgen we ervoor dat het dagelijks functioneren van de provincie onverminderd doorgaat.
De nieuwe verdeling van het Provinciefonds draagt hieraan bij. Zuid-Holland ontvangt voortaan € 35 miljoen extra per jaar. Dit is het resultaat van intensieve inspanning en nauwe samenwerking tussen alle provincies. We zijn trots dat het gezamenlijke voorstel één op één is overgenomen door Binnenlandse Zaken. Het geeft ons meer ruimte om te blijven investeren in de opgaven die voor ons liggen.
In deze begroting maken we extra middelen vrij voor de meerjarige dekking van de subsidie voor de woningbouwopgave, zodat we ook de komende jaren kunnen blijven investeren in de bouw van nieuwe woningen. Daarnaast zorgen we ervoor dat er voldoende mensen en middelen beschikbaar blijven voor een vitaal landelijk gebied (Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied) en zetten we samen met onze partners de gebiedsgerichte aanpak voort. We reserveren extra middelen voor het groot onderhoud aan de provinciale infrastructuur, zodat er de komende jaren voldoende budget beschikbaar is om het onderhoudsprogramma uit te voeren. Hierdoor is onze infrastructuur beschikbaar en veilig in gebruik.
Ook versterken we onze inzet op de energietransitie met meerdere maatregelen die bijdragen aan versnelling en uitvoering. Verder ondersteunen we de groei van de voedselhub Food Value Factory om voedselverspilling tegen te gaan. We investeren verder in een sterk innovatie-ecosysteem waarin bedrijven en start-ups kunnen starten, groeien en investeren.
Uiteraard zijn middelen alleen niet voldoende. De mate van realisatiekracht hangt nauw samen met de beschikbaarheid van mensen als het aankomt op het uitvoeren van opdrachten en projecten.
Waar we vorig jaar met trots een volledig sluitende begroting presenteerden, laat deze begroting een klein negatief saldo zien. In dit saldo zijn de effecten verwerkt van de Meicirculaire en van het definitief nieuwe verdeelmodel van het Provinciefonds. Ook hebben we uitvoering gegeven aan motie 1812. Daarbij is ervoor gekozen de extra verhoging van 0,3 opcenten komend jaar te laten vervallen. Dit betekent dat de motorrijtuigenbelasting minder hard stijgt voor de inwoners, terwijl we tegelijkertijd zorgvuldig omgaan met de beschikbare middelen.
In maart vinden de provinciale verkiezingen plaats. Deze begroting vormt daarmee niet alleen de financiële basis voor het komende jaar, maar ook een solide fundament voor een nieuw bestuur dat zijn eigen accenten zal willen zetten. Verkiezingstijd brengt nieuwe ideeën, ambities en maatschappelijke discussies met zich mee. Het is daarom van belang dat we een begroting neerleggen die ruimte laat voor nieuwe keuzes, voldoende flexibiliteit biedt en de continuïteit van lopende programma’s waarborgt. Zo blijft Zuid-Holland, ongeacht de uitkomst van de verkiezingen, een provincie die koersvast, financieel gezond en toekomstgericht opereert.
Het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland
September 2026
