Paragrafen

Paragraaf Brede Welvaart

Klimaat

Beleidsdoelen 3-1 Energietransitie; 7-3 Klimaatbestendig Zuid-Holland; 5-3 Leven met water; 4-1 Toekomstbestendig economisch vestigingsklimaat
Onze invloed op het klimaat, de overgang naar een duurzame energievoorziening en klimaatadaptatie.

Spanningen en win-wins: De energietransitie draagt bij aan het verminderen van fossiele brandstoffen en CO 2 , maar lokale energieopwekking kan soms botsen met de lokale natuur en ecologie en energie-infrastructuur vraagt ruimte en investeringen in Zuid-Holland, mede ten behoeve van de elektriciteitsvraag en -aanbod voor het internationale energiesysteem (beleidsdoel 3-1) . De voedselconsumptie en -productie heeft een grote impact op het klimaat (beleidsdoel 5-2). Een voedselproductie die toekomstbestendig is, vraagt om een andere manier van produceren, consumeren en minder verspillen (beleidsdoel 5-2). Wanneer er vooral op economische waarde wordt gestuurd en ecologische en sociale effecten niet goed in een business case worden meegenomen, lijdt het klimaat hieronder (3-1). Er zijn ook kansen: lokale initiatieven en energiecoöperaties versterken de gemeenschap, en de warmtetransitie gaat klimaatverandering tegen en vergroot de autonomie van inwoners (beleidsdoel 3-1). Klimaatverandering maakt de impact van klimaatrisico’s groter. Extremer weer (natter, heter, droger) heeft brede impact op onder meer welbevinden, economische activiteiten, veiligheid en gezondheid. Anticiperen op klimaatverandering en investeren in klimaatadaptatie nu loont in de nabije toekomst. Ook bij klimaatadaptatie liggen kansen op kostenbesparing en autonomie via klimaatadaptieve inrichting, voor zowel bedrijven als inwoners (beleidsdoel 7-3). Verder loont investeren in een circulaire economie ook voor het klimaat (beleidsdoel 4-1).

Groepen en gebieden: Inwoners, maar ook sectoren als landbouw, tuinbouw, de zorg, industrie en energietransitie krijgen te maken met effecten klimaatverandering zoals verminderde beschikbaarheid van zoetwater en drinkwater, lagere rivierstanden, verziltende omstandigheden, hogere schaderisico’s ten gevolge van grootschalige wateroverlast, verzakking en vernatting. De mogelijkheden om te verduurzamen zijn ongelijk verdeeld en vergroten zo de ongelijkheid: VvE's, woningcorporaties, particuliere eigenaren en achterblijvers op gas worden verschillend geraakt, en vooral wie het kan betalen profiteert (beleidsdoel 3-1). Iedere inwoner wordt geraakt, omdat het gaat om het verwarmen en koelen van de woning beleidsdoel (beleidsdoel 3-1). Bij de gevolgen van klimaatverandering worden mensen met een lager inkomen vaak harder geraakt, doordat zij minder kunnen investeren in bijvoorbeeld isolatie of koeling en minder herstelvermogen hebben (beleidsdoel 7-3). Daarnaast verschillen grootstedelijke en niet-grootstedelijke gebieden, en gebieden met en zonder ruimte (beleidsdoel 3-1). Een toekomstbestendige voedselproductie raakt de primaire voedselproducent en ook de innovatieclusters rondom biotechnologie (beleidsdoel 5-2).

Inzet: De provincie levert via provinciaal beleid een bijdrage aan het verminderen van klimaatverandering en het verduurzamen van woningen, met als voordelen energiebesparing, meer wooncomfort en een betere gezondheid (beleidsdoel 3-1). Daarnaast investeert zij in klimaatadaptatie om inwoners, bedrijven en andere partijen te stimuleren en te ondersteunen bij klimaatbewust handelen en maatregelen (beleidsdoel 7-3). Ten slotte ook in het vasthouden en de aanvoer van zoet water, het tegengaan van wateroverlast en waterveiligheid (beleidsdoel 5-3). Er wordt ingezet op het creëren van randvoorwaarden voor een toekomstbestendige voedselproductie (beleidsdoel 5-2).

Deze pagina is gebouwd op 09/28/2026 08:02:25 met de export van 09/28/2026 07:51:50